Memoires van een Dordtse wethouder

Dit verhaal gaat over een doodgewone, rode multomap. Een map met maar liefst honderdvierenzestig bladzijdes erin. Ze zijn beschreven in een regelmatig, ouderwets handschrift. Bijna zonder doorhalingen of krassen: alsof iemand al die multobladen aan één stuk door, zonder te stoppen, heeft volgeschreven. Na het lezen van die pagina’s is één ding duidelijk: dit is helemaal niet zo’n ‘doodgewone’ multomap.

Een saai ding
Ik vind het in eerste instantie een saai ding, de multomap die Wanda Groeneveld mij in december 2019 in handen drukt. Maar mijn belangstelling is direct gewekt als ik hoor dat hij van haar grootmoeder is geweest: Jo Smit-Pieters (1896-1993), de allereerste vrouwelijke wethouder van Dordrecht.
In deze ringband heeft Jo tussen april en juni 1980, ze was toen ruim over de tachtig, haar memoires opgeschreven. Daar had ze reden toe, want haar leven was zeer bewogen geweest. Niet alleen haar jeugd in een arbeidersgezin in Amsterdam; ook haar jaren als Dordts wethouder in de jaren dertig en veertig waren tumultueus.
Jo overleed een jaar of twaalf na het schrijven van deze memoires. Sindsdien lag de map op zolder bij kleindochter Wanda in Zevenhuizen, vlak bij Rotterdam.

Zolder
Ik maak kennis met de ringband bij Wanda thuis, als ik haar een interview afneem over haar oma.  Tijdens het gesprek herinnert Wanda zich opeens de multomap weer. Ze verdwijnt naar de zolder en komt er even later triomfantelijk mee aanzetten.
 Na afloop van het gesprek mag ik de map een tijdje houden, zodat ik hem in alle rust kan doorlezen. Dankbaar voor het vertrouwen dat Wanda in me stelt, neem ik de ringband mee. Diezelfde avond nog begin ik erin te lezen. Ik verwacht dat het een hele klus zal worden, om al die handgeschreven pagina’s door te werken. Maar dat valt erg mee. Jo Smit-Pieters blijkt een rasverteller en weet me tot haar laatste woorden te boeien.

Schoorsteenveger
Sommige scènes die ze over haar  jeugd in Amsterdam beschrijft zijn voor ons, 21ste-eeuwers, bijna niet meer voor te stellen. Bijvoorbeeld als het gaat over de armoede waarmee de familie voortdurend te maken had.
Jo’s vader werkte in een drukkerij en verdiende daarmee zo weinig, dat ook haar moeder buitenshuis moest werken. Wat haar moeder precies deed vertelt Jo niet, maar de werkdagen waren lang en niet aangepast aan de schooltijden van de kinderen.
Als 6-jarig meisje liep Jo daarom na schooltijd zelfstandig door de Amsterdamse straten naar huis. Onderweg moest zij haar babybroertje Sjef ophalen van de bewaarschool. Ze droeg het jochie in haar armen, want hij kon nog niet lopen.
Moeder besefte dat de kinderen nog erg jong waren om alleen thuis te blijven, maar het kon niet anders. Daarom had ze Jo duidelijke instructies meegegeven. Bij thuiskomst moest ze de kleine Sjef in de kinderstoel vastbinden en zo wachten totdat moeder er weer was. Zo konden er geen ongelukken met de kleine gebeuren. Sjefke vond het natuurlijk helemaal niet leuk om al die tijd vastgebonden te zitten en zette het steevast op een huilen.
Op een dag was de schoorsteenveger aan het werk toen Jo met Sjefke thuiskwam. Het jochie begon zoals gewoonlijk te krijsen toen hij in de kinderstoel werd gezet. ,,Als hij niet ophoudt, stop ik hem in de zak en stuur ik hem naar Spanje!’’, riep de man geërgerd uit. Jo schrok zo van die uitspraak dat ook zij in huilen uitbarstte. De herrie in het arbeiderswoninkje was nu zo hevig, dat de buurvrouw maar eens een kijkje ging nemen. Toen ze hoorde wat de schoorsteenveger gezegd had, stuurde ze hem naar huis. Die droop mokkend af. Het was toch maar een grapje geweest…

Een vroege socialist
Ik val van de ene verbazing in de andere bij het doornemen van de multomap. Zo blijkt dat Jo’s vader, Gerard Pieters, een opvallende rol heeft gespeeld binnen de SDAP (de voorloper van de Partij van de Arbeid). Hij woonde als jonge man in Maastricht en stond daar aan de wieg van de socialistische beweging in Limburg. Als straatarme arbeider raakte hij aan het einde van de negentiende eeuw bevriend met W.H. Vliegen. Een naam die nu bijna niemand meer kent, of het moet zijn van de W.H. Vliegenstraat die je nog tegenkomt in steden als Dordrecht, Zwijndrecht of Schiedam. Die straten zijn naar deze vriend van Jo’s vader vernoemd, omdat hij een beroemde voorman van de sociaaldemocraten was. Hij leidde bijvoorbeeld de oprichtingsvergadering van de SDAP en zou later lid van de Tweede Kamer worden. Vliegen organiseerde, samen met Jo’s vader, arbeidersprotesten in Maastricht. De twee mannen belandden daardoor meerdere malen in de gevangenis.

 

Gerard Pieters, de vader van Jo Smit-Pieters, had nauwe banden met W.H. Vliegen en andere oprichters van de SDAP (Bron: G.H. Pieters, uit Vliegen, Dageraad I (Amsterdam 1905), t.o. 360)

 

W.H. Vliegen stond aan de wieg van de SDAP en werd later lid van de Tweede Kamer. Naar hem zijn straten vernoemd en er is een biografie over hem verschenen.

Discriminatie
Als dochter van een socialist had Jo geen gemakkelijke jeugd. Andere kinderen sloten haar buiten omdat zij ‘een rooie’ was. Later, toen zij als dienstmeisje ging werken bij rijke dames, stuitte ze op onverbloemde discriminatie en uiterst slechte arbeidsomstandigheden. Soms verdiende ze niet meer dan een gulden per week.
Jo trouwde en belandde rond 1930 in Dordrecht, waar ze de politiek in ging. Nu steeg haar ster opvallend snel: ze werd in 1934 gemeenteraadslid namens de SDAP en een jaar later al wethouder. Dat betekende niet dat het nu voorbij was met de discriminatie. De Dordtse gemeenteraad was een mannenbastion en de heren verzetten zich openlijk tegen vrouwen in de politiek. ,,U hoort hier niet’’, kreeg Jo meermaals te horen.
Toen vielen in 1940 de nazi’s ons land binnen en kreeg ze te maken met weer een andere vorm van onrecht: het onderdrukkende regime van de Duitse bezetter.

Rode draad
Zo staat deze multomap vol met ontroerende en soms spannende verhalen over zowel die Amsterdamse jeugdjaren als haar tijd in de Dordtse politiek. Toch zijn het niet eens zozeer de verhalen over onrecht, die deze memoires zo interessant maken. Nog veel fascinerender vond ik de manier waarop Jo erop reageerde.
Want er loopt duidelijk een rode draad door haar leven: die van verzet. Of het nu een werkgever was die haar vernederde, mannelijke politici die haar niet voor vol aanzagen of een bezetter met abjecte ideologieën: keer op keer zette Jo Smit-Pieters haar voet dwars. Niet één keer legde ze zich erbij neer. Met al het vuur dat ze in zich had verzette ze zich tegen iedere vorm van onrecht of discriminatie. Steeds opnieuw.
Deze rode multomap mag er dan saai uitzien, de inhoud is dat zeker niet. Ik vond het eervol dat ik de eerste in lange tijd was, die hem weer eens mocht doorlezen. Ik heb er dankbaar gebruik van gemaakt bij het schrijven van mijn  verhaal over Jo Smit-Pieters voor mijn boek Dochters van Dordrecht.

 

Jo Smit-Pieters is een van de vrouwen die ik beschrijf in mijn boek Dochters van Dordrecht, dat is verschenen in maart 2020.
Het is te koop bij de Dordtse boekhandels of kan worden besteld door te mailen naar: dordtsedochters@gmail.com.
De prijs is 21,95 euro, exclusief portokosten (4,50 euro). Bezorging aan huis in Dordrecht, Zwijndrecht en Papendrecht is gratis.